'Bijen zijn hard nodig voor de mensheid!'

Lars van Onna is met zijn veertien jaren de jongste DoeDuiten aanvrager tot nu toe. “Ik zit op het Technasium van het Candea college. Dat is Vwo waar je wat meer met techniek dan talen bezig bent.”

Een studieopdracht zette Lars op het spoor van de DoeDuiten. “We hebben het vak Onderzoeken en ontwerpen, waarbij je een probleem of project krijgt dat je moet uitwerken en oplossen. Eén ervan was een bijenproject; het aantal bijen loopt gestaag terug. We moesten informatie zoeken en gaan verwerken en vervolgens bloemen gaan zaaien bij school.

Hard nodig
Dat vonden we te mager. We hebben er vervolgens een basisschoolproject van gemaakt. We hebben op basisscholen een presentatie gegeven, voor leerlingen een werkboekje gemaakt met opdrachten om bijen beter te leren kennen, we hebben een bijentelling gedaan en bloemen geplant.” Ze deden dat in Zevenaar bij de Wissel en het Kofschip. “Bij de Wissel zijn de bloemen nu weggemaaid door de gemeente. Daar moeten we nog over in gesprek, want dan kunnen de bijen zich er niet nestelen. Bij het Kofschip zijn ze aan het verbouwen. Daar zoeken we nog naar een goed moment om het uit te kunnen voeren. We hebben in het boekje vooral duidelijk gemaakt dat het slecht is dat het aantal bijen afneemt en dat we ze hard nodig hebben om als mensen te kunnen bestaan.”

Bloemen
Lars haast zich om te zeggen dat hij dit project niet alleen heeft gedaan, maar met Jade Risselada, Madelief Verschoren en Annemarije Ijsselstijn. “Daarnaast hebben we met verschillende imkers samengewerkt. De DoeDuiten hebben we gebruikt voor het aanschaffen van de bloemen, dat ging sneller dan zaden zaaien. Toen de bloemen alleen te duur waren, hebben we voor een deel toch voor zaden gekozen. En we hebben leerlingen het verschil laten proeven tussen imkerhoning en supermarkthoning. Want die uit de supermarkt mag eigenlijk geen honing worden genoemd, want de bij heeft daarvoor geen Nektar omgezet in honing, maar suikerwater. Dat verschil hebben de leerlingen geproefd!”